JA-80X

Serviceuitleg voor JA-80X

1 Installatie

· De communicator kan worden aangesloten op digitale centrale's via een vier-koord RJ-kabel. Deze maakt gebruik van connectoren gemerkt als RS Line op de communicator. Beide RS Line connectoren hebben parallelle wringen, dus ze kunnen ook worden gebruikt voor het splitsen van de centrale voor digitale bussen.
· Sluit de communicator aan op de telefoonlijn via de kabel die meegeleverd is met het pakket. Gebruik een stopcontact gemarkeerde lijn op de communicator.
· Extra telefoontoestellen (telefoon, fax, modem enz.) kunnen worden aangesloten met behulp van de connector met de aanduiding "Tel".
· Wanneer de centrale in de normale stand-by modus staat, zal de telefoonlijn en alle aangesloten apparaten weer normaal werken.
· De communicator kan alleen worden aangesloten op een analoge telefoonlijn en mag niet worden aangesloten op een dubbele of een samenwerkingsverband extension-lijn.
 

Opmerking: De communicator moet rechtstreeks in een analoge telefoonlijn stopcontact worden gestoken. Alle andere apparaten moeten worden aangesloten op de communicator uitgang met de vermelding TEL.

2 Alarm stem rapportage

Afhankelijk van de aard van de gebeurtenissen is de communicator in staat voor het uitzenden van 5 toegewezen alarm meldingen naar maximaal 4 voorgeprogrammeerde telefoonnummers.
· Met de centrale wordt in de uitgeschakelde toestand, voer de Service-modus in door het intoetsen van * 0 SC (SC = service-code, 8080 door de fabriek standaard) op het bedieningspaneel.
· Key-programmering in de gevraagde volgorde(s). Elke sequentie kan momenteel worden opgenomen en kan worden ontsnapt door te drukken op #.
· De voltooiing van een reeks item wordt bevestigd door een pieptoon. Na het invullen van alle gevraagde sequenties, verlaat de Service modus door te drukken op het #.
· Afhankelijk van de systeem configuratie, kunnen telefoonnummers worden opgenomen in de bedrijfsmodus.

2.1 Programmering telefoonnummers voor spraak rapportage sequentie 71 Mxxx...xx*0

Om telefoonnummers te programmeren die gebruikt worden voor spraakrapportage voer in: 71Mxx... xx *0

Wanneer:
M is het telefoonnummer geheugen van 1 tot 4
xx...xx is het gewenste telefoonnummer (max. 16 cijfers)

Speciale codes kunnen worden ingebracht door middel van:
Code : * toets *7
# toets *8
3 s pauzeren door te drukken op *6

Voorbeeld: Druk op 712 483 123 456 *0 slaat het nummer 483 123 456 in geheugen 2 op.

Het wissen van een getal uit het geheugen M doe je door te drukken op: 71M*0

Wanneer:
M is het geheugen van 1 tot 4

Spraak rapporten worden verzonden naar vooraf geprogrammeerde telefoonnummers in de volgorde waarin ze zijn opgeslagen. Een enkel rapport aan een bepaald telefoonnummer begint met dat het nummer wordt gebeld. Een 6 sec wachttijd volgt. Na deze periode speelt het voicemailbericht nr. 1 af (alarm systeem identificatie), gevolgd door een gebeurtenis beschrijvingsbericht. Dit wordt 4 keer herhaald waarna de communicator ophangt. Normaal gesproken stopt de spraakbediening rapportage pas nadat alle nummers zijn gemeld. U kunt de rapportage stoppen door alarm annulering of door op de toets # te drukken op de telefoon die op dat moment wordt gebeld. Indien ingeschakeld, is de rapportage voorafgaand aan de ARC uitgevoerd met een telefoonstem rapportage.

Opmerking: Programmeer geen alarmnummers!
Alle telefoonnummers worden gewist als de fabrieksinstellingen terug gezet worden.

2.2 Beperkte gebeurtenis rapportage sequentie 792x

De communicator heeft een special optie voor het 2de telefoonnummer. Dat alleen inbraak of overvalmelders worden gemeld dat het aantal andere soorten van gebeurtenissen zoals brand, indringers of sabotage niet wordt gerapporteerd. Tijdens het gesprek op het eerste telefoonnummer kan de gebruiker beslissen of het alarm verslag ook moet worden toegezonden aan de overige telefoonnummers of dat het kan worden beëindigd door te drukken op # op het toetsenbord van de telefoon. (bijvoorbeeld in geval van vals alarm). Voor het programmeren van deze functie voer in: 792x

Waarbij:
x=0 alleen indringing of paniek alarmen worden gemeld aan het 2de telefoonnummer
x=1 alle gebeurtenissen worden gemeld aan alle telefoonnummers

De standaard instelling is 7921
Deze instelling is niet van toepassing op uitzendingen naar de ARC, welke zijn gemaakt voor voicemailberichtem.

2.3 Gesproken bericht opnemen

U kunt spraakmemo berichten via elke telefoon met DTMF-toon opnemen. In de eerste plaats moet er worden gebeld naar het telefoonnummer van de communicator. Tijdens de dial-up periode verschijnt 72 op het toetsenbord. De communicator zal ingaan op de uitnodiging die wordt aangegeven door een pieptoon. Druk op een toets 0 tot 8 van de telefoon, vervolgens welke van de volgende acties u wilt uitvoeren:

0 – Replay alle berichten
1 – Record bericht nr. 1 (Alarm rapporten) – identificeren van uw alarm systeem (uw bedrijf)
2 – Record bericht nr. 2 (Inbraak)
3 – Record bericht nr. 3 (Brand)
4 – Record bericht nr. 4 (Sabotage)
5 – Record bericht nr. 5 (Paniek)
6 – Record bericht nr. 6 (Fout)
7 – Record bericht nr. 7 (Welcome bij OASiS) – groeten
8 – Record bericht nr. 8 (Voer uw toegangscode in)

Door op een toets te drukken beroept zich een timer met een geluidssignaal indicatie. U krijgt vijf pieptonen te horen in totaal met de laatste piep. Na deze piep begint de opname – u kunt een bericht opnemen door te spreken in de microfoon van de telefoon. De berichtsduur is beperkt tot 9 seconden voor bericht nr. 1 en 3 seconden voor een van de andere berichten. Na dat er is opgenomen wordt het bericht onmiddellijk opnieuw afgespeeld. Een beëindigd bericht wordt aangegeven door twee pieptonen. Herhalen van alle berichten (0) kan worden beëindigd door op * te drukken. De opname van een bericht kan worden beëindigd door op # te drukken of door op te hangen.

Het opnemen van de voicemail wordt beëindigd na het ophangen.

Opmerking:
· U kunt ook op afstand opnemen of wijzigen van voice berichten via een telefoon in een oproep op de centrale. Daarvoor is de beheersing van de centrale en wordt ingevoerd in de Service mode (met het toetsenbord van de telefoon, voert u 72x zoals hierboven beschreven).
· U kunt de opgenomen berichten op elk gewenst moment veranderen via de bovenstaande procedure. Berichten worden opgeslagen in een niet-vluchtig geheugen, zodat de JA-80X ze niet zal vergeten, wanneer de stroomvoorziening is losgekoppeld.

3 ARC rapportage

Contact-ID (CID) protocol wordt gebruikt voor de communicatie met alarm ontvangen centra (ARC). Indien tenminste een telefoonnummer is voorgeprogrammeerd voor ARC rapportage, vervolgens moet de communicator een rapport verzenden over elke gebeurtenis die ontdekt wordt door de centrale. (Als gevraagd voor ARC rapportage). Gebeurtenissen worden gemeld in dezelfde volgorde als ze worden ontdekt. Een rapport die met succes is overgedragen maakt een verslag naar ARC. Gebeurtenis verslagen worden opgeslagen in het geheugen van de centrale. Als de overgang naar ARC1 niet succesvol is verlopen, begint de communicator met de overdracht naar ARC2, afhankelijk van de vraag of een tweede verhaallijn is voorgeprogrammeerd. Als de overdracht naar ARC2 ook niet lukt, wordt er opnieuw een rapport verzonden naar ARC1 door de communicator en dit wordt vier maal herhaald. Afgewezen overdracht resulteert als "Verslag niet verstuurd naar ARC" na acht (vier) pogingen. Dan wordt er een standaard voice bericht verzonden naar de telefoonnummers volgens de gebeurtenis en instellingen. Daarna zijn er nog twee andere pogingen (cycli) die de boodschap leveren aan de ARC na 5 minuten en na 10 minuten. Een niet geleverd rapport wordt opgeslagen in het geheugen en wordt gemeld samen met het volgende verslag – indien mogelijk.

Opmerking: Contact ID protocol zorgt ervoor dat alle relevante gebeurtenissen automatisch worden gemeld. Een idee van formaat van de gegevens wordt verstrekt in de onderstaande tabel.

3.1 ARC telefoonnummer sequentie 75 Mxxx...xx*0

Voor het programmeren van telefoonnummers van de aangevraagde ARC in voeren: 75Mxx....x*0

Waarbij:
M is het ARC geheugen index: 1=grootste, 2=back-up
xx..x is het ARC telefoonnummer (max.16 cijfers)

Het wissen van een getal uit het geheugen M: 75M*0

3.2 Installatie (alarm systeem) ID te gebruiken voor ARC sequentie 76 Mx..x*0

Het installatie ID nummer om een ARC met elk rapport te sturen, kan worden geprogrammeerd met: 76x..x*0

Waarbij:
xx.x is het installatie ID nummer dat uw bedrijf identificeert
Als een hexadecimal vorm nodig is voor de ID-specificatie, het gebruikt cijfers voorafgegaan door "*" voor alfabetische karakters: *1 = A tot *6 = F. Voorbeeld: The sequentie 7615*1*5*0 zal de hexadecimale programma ID 15AE.

3.3 Filteren gemelde bijwerkingen

Gerapporteerde gebeurtenissen kunnen worden gefilterd op basis van hun type. Om activeren / deactiveren het melden van gebeurtenissen van een bepaald type (of groep van soorten) in te voeren: 73nx

Waarbij:
n is een groep van soorten gebeurtenissen
1 – Alle gebeurtenissen
2 – Alarm triggering gebeurtenissen
3 – Alarm annuleringen
4 – Inschakelen/Uitschakelen
5 – Storingen
6 – Onderhoud gebeurtenissen
7 – Regelmatig periodieke verslagen

x is het in/uitschakelen kenmerk
1 – Verslag
0 – Geen verslag

De standaard instellingen zijn 7311.

3.4 ARC verslag structuur

Een verslag van een ARC verzonden met CID protocol bestaat uit:
Installatie ID (gebouwen identificatie), gebeurtenis code, subsysteemnummer en het nummer van de bron (apparaat of code).

Codes 01 – 50

Subsysteem: 01 in alle rapporten
In een split systeem, voor in en uitschakelen: 02 = A, 03 = B
Voor gedeeltelijk: 02 = A, 03 = AB

3.5 ARC communicatie test sequence 74

Voor het uitvoeren van de test voer in: 74
Na een succesvolle overdracht worden de toetsen weergegeven als "test ok". Een mislukte overdracht wordt aangegeven door het weergeven van "test fout". Periodieke verslagen (groep nr. 7) worden verzonden binnen 24 uur nadat een gebeurtenis is gemeld.

3.6 Met behulp van de JA-80X en de JA80Y in combinatie

De JA-80X kan worden gebruikt in combinatie met een GSM-JA-80Y communicator. De communicators kunnen zowel werken in parallel of de JA-80X kan functioneren als een back-up apparaat aan de JA-80Y. Elke mislukte poging van de JA-80Y van gebeurtenissen via het GSM verslag, wordt gevolgd door JA-80X spraaktelefooncentrale rapportage. GSM-rapport fouten worden aangegeven met een melding "Geen ARC toegezonden rapport" gebeurtenissen in het bedieningspaneel geheugen. Gebruikt een regelafstand met berichten aan de JA-80X die te installeren is boven de JA-80Y in het configuratiescherm.

Opmerking:
· Deze optie vereist dat de JA-80Y om pre-geprogrammeerd te worden door de instructie 081.
· Met behulp van twee communicators in combinatie kunnen de interne antenne's minder werken. Als dit een probleem is kunt u een aantal van de externe antenne's gebruiken van Jablotron die ontworpen zijn voor OASiS systemen.

3.7 ARC rapportage mode sequence 791x

Voor het programmeren van de rapportage-modus voer in: 791x

Waarbij:
x = 0 geen ARC rapportage van de JA-80X
x = 1 de JA-80X werkt als een back-up apparaat voor ARC1 rapportage
x = 2 de JA-80X werkt als een back-up apparaat voor ARC2 rapportage
x = 3 de JA-80X rapporteert onvoorwaardelijk (dit vereist wel de installatie-ID en er moet tenminste een telefoonnummer worden voorgeprogrammeerd)

De standaardinstelling is 7910.
Na een JA-80X back-up verslag (x = 1 of 2), zal de JA-80Y de rapportage spoedig doorvoeren om de GSM communicatie te herstellen.

3.8 Telefoonlijn controle sequence 793x

Als deze functie is ingeschakeld, zal de kiezer de bereidheid van de telefoonlijn controleren. Als de lijn niet klaar is geeft dit problemen op het bedieningspaneel en in de centrale. In het geheugen wordt dan een rapport geschreven als "Externe communicatie fout".
Voor het programmeren van de functie: 793x

Waarbij:
x = 0 controle uitgeschakeld
x = 1 controle ingeschakeld

De standaardinstelling is 7930 (voldoet niet aan EN 50131-1!)

3.9 Gevoeligheid voor signalen sequence 794x

Met deze instelling kunt u een hogere gevoeligheid instellen voor het lijn signaal. Dit kan helpen in gevallen waarin de kwaliteit of het niveau van het signaal laag is.

794x

Waarbij:
x-0 fundamentele gevoeligheid (standaard)
x-1 hogere gevoeligheid

3.10 Bezet – Lijn detectie sequence 795x

Als deze functie is ingeschakeld, zal de kiezer de bezettoon controleren van elk telefoonnummer. Als de lijn bezet is hangt het op en probeert de kiezer de andere nummers. De poging wordt herhaald in een standaard manier (acht / vier pogingen voor de communicatie naar de ARC, vier pogingen voor spraakberichten).

795x

Waarbij:
x-0 detection is disabled (default)
x-1 detection is enabled

4 Toegang op afstand via een telefoonlijn

De JA-80X communicator maakt het mogelijk om het systeem op afstand te bedienen via een telefoonlijn door tijdelijk de machtiging over het toetsenbord van de telefoon te hebben. Nadat een oproep verzoek is ontvangen, zal de communicator wachten op een voorgeprogrammeerde beltoon periode en vervolgens de oproep beantwoorden. Vervolgens, bericht nr. 8 wordt overgespeeld (Voer uw toegangscode in). Daarna zal de communicator wachten voor 60 seconden voor een Service, Gebruiker of MASTER code om te worden ingevoerd.
Als er een onjuiste code is ingevoerd, reageert de communicator met bericht nr. 8 en wacht deze tot er een correcte code wordt ingevoerd. Als er voor de tweede keer een onjuiste code is ingevoerd, reageert de communicator met 4 pieptonen en hangt op.
Een juiste code wordt beantwoord door het system met indicatie:
1 pieptoon – Ingeschakeld
2 pieptonen – Uitgeschakeld
3 pieptonen – Service mode
1 lange pieptoon + 3 korte pieptonen – Alarm staat
Vervolgens speelt de communicator bericht nr. 7 af "Welcome bij OASiS". Het systeem kan dan worden bediend via de toetsen van de telefoon, op dezelfde manier als via het bedieningspaneel.
1 pieptoon – Ingeschakeld
2 pieptonen – Uitgeschakeld
3 pieptonen – Invoeren van Service mode
4 pieptonen – Fout
Telefoongesprekken worden automatisch beëindigd na 60 seconden van inactiviteit.

4.1 Bel periode sequence 77n

Voor het programmeren van de bel periode waarna de communicator zal bellen, toets om te beantwoorden: 77n

Waarbij:
n is een nummer van 0 tot 9 met de volgende betekenins:
n = 1 tot 8 de communicator zal antwoorden na 5 seconden van de beltoon
n = 9 antwoorden na een tweede gesprek – eerst moet er een ring zijn, dan een pauze (5 tot 40sec.) en vervolgens net na de eerste ring van de tweede oproep, zal het gesprek worden beantwoord.
n = 0 de communicator zal nooit antwoorden

5 Communicator RESET sequence 78080

Om de communicator te resetten naar de standaard fabrieksinstellingen voer in: 78080

Opmerking:
Het uitvoeren van een RESET heeft geen invloed op de voicemailbericht opnamens.

JA-80X